73.4
Beschermen

Na het stellen moet worden gezorgd voor een goede bescherming.
Tot de beschermende maatregelen behoren:

  • op de bouwplaats aanbrengen van beschermende maatregelen bij Concept I en II kozijnen. De aangebrachte voorzieningen zo laat mogelijk verwijderen;
  • het zo spoedig mogelijk aanbrengen van vakvullingen, zoals draaiende delen, glas e.d.;
  • het bevestigen van steigeronderdelen aan geveltimmerwerk e.d. is niet toegestaan;
  • het voorkomen van vervuiling van sponningen en van het hang- en sluitwerk;
  • het direct herstellen van beschadigingen van grond- of afwerksysteem, van het hout en van de diverse onderdelen of halfproducten;
  • het beglazen overeenkomstig de daarvoor geldende voorschriften (zie katern 12);
  • het zorgvuldig uitnemen van tijdelijk aangebrachte materialen of halfproducten (zoals bijvoorbeeld ventilatieroosters) en deze op een goede wijze monteren;
  • de Concept III en IV kozijnen, verwerkt in binnenspouwbladen, zodanig beschermen dat geen water tussen de kozijnen en binnenspouwbladen kan komen. (De binnenspouwbladen plaatsen volgens de verwerkingsvoorschriften van de timmerfabrikant).

De opslagperiode op de bouwplaats dient zo kort mogelijk zijn.

KVT Index