35.1 Algemeen
In geveltimmerwerk wordt onderscheid gemaakt in:
- verbindingstechniek voor kozijnverbindingen;
- het lijmen van verbindingen van ramen, (hef)schuifdeuren;
- het lijmen van spouw- en vullatten en/of de verbinding van stelkozijnen.
35.2 Verbindingstechniek voor kozijnverbindingen
Voor kozijnen in de gebruiksklassen 2, 3 en 4 dient een verbindingstechniek te worden toegepast die voldoet aan de eisen zoals vermeld in de BRL 0819 “Verbindingstechnieken in houten gevelelementen”. De verbindingstechnieken opgenomen in de SKH-publicatie 99-10 “Gecertificeerde lijmen voor niet-dragende toepassingen (BRL 2339) en verbindingen (BRL 0819)” voldoen aan deze eisen.
35.3 Lijmen van verbindingen van ramen, (hef)schuifdeuren en voor het lijmen van spouw- en vullatten en/of de verbinding van stelkozijnen
Voor de verlijming van verbindingen van ramen, (hef)schuifdeuren en voor het lijmen van spouw- en vullatten en/of de verbinding van stelkozijnen, dient een lijm te worden toegepast die voldoet aan de eisen zoals vermeld in de BRL 2339 “Lijmen voor niet-dragende toepassingen”. De lijmen opgenomen in de SKH-publicatie 99-10 “Gecertificeerde lijmen voor niet-dragende toepassingen (BRL 2339) en verbindingen (BRL 0819)” voldoen aan deze eisen.
35.4 Opslag en verwerking
Verbindingstechnieken en lijmen moeten worden opgeslagen en verwerkt volgens de verwerkingsvoorschriften van de lijmfabrikant of van de lijmleverancier.
Het principe van "first in, first out" dient hierbij te worden gehanteerd.